Er kunnen zich situaties voordoen waar je als melkveehouder er niet aan ontkomt om dieren van buiten het bedrijf aan te voeren. Denk bijvoorbeeld aan een forse bedrijfsuitbreiding of onderbezetting door verhoogde uitstoot van vee. Geleidelijke aanvulling via eigen aanwas is dan geen optie. Dit vergt te veel tijd en is bedrijfseconomisch niet acceptabel. Hoe kan je dit op een zo verantwoord mogelijk wijze invullen?
Waarom aanvoer noodzakelijk?
Vorig jaar zijn op het high-techbedrijf van de Animal Sciences Group in Lelystad bovenmatig veel dieren noodgedwongen afgevoerd vanwege chronische problemen met uiergezondheid en algeheel conditieverlies. De problemen met uiergezondheid werd gevonden in Coli-problemen veroorzaakt door vocht absorberende stalmatten. De oorzaak van het conditieverlies was met name te herleiden tot opstartproblemen van het prototype van het individueel automatisch voersysteem. Een van de aspecten die hierbij centraal stond, was om te onderzoeken in hoeverre het mogelijk was 70 hoogproductieve melkkoeien op het individueel systeem te voeren. Het aantal vreetplaatsen bleek daarvoor te beperkt. Het is een risico dat je als proefbedrijf neemt als je met een volledig nieuwe ontwikkeling aan de slag gaat. Dat de technische problemen zo verregaande consequenties hebben gehad moet deels worden gezocht in de opzet van het high-techbedrijf en de robuustheid van de veestapel. De dieren zijn topatleten met een productie van rond 10.000 kg per koe. Ze worden het gehele jaar opgestald en zijn volledig afhankelijk van stalvoedering. De problemen zijn inmiddels aangepakt, maar een verhoogde uitstoot was het gevolg.
Goede gezondheid voorwaarde voor hoge duurzame productie
Het high-techbedrijf streeft een gezonde veestapel na. Immers een goede gezondheid is een voorwaarde voor een goede productie. Het bedrijf neemt deel aan de gezondheidsprogramma’s en bezit een zeer hoge gezondheidsstatus ( Brucellose, Tuberculose, Leucose, Leptospirose, IBR en BVD-vrij , Salmonellose onverdacht en Paratuberculose status 10). Er wordt geen vee aangevoerd en de kalveren tot 6 maanden worden in een quarantainestal, gescheiden van het andere vee, opgefokt.
Bedrijfsprotocol
Samen met de eigen dierenarts en de Gezondheidsdienst voor Dieren is een protocol opgesteld om de risico’s van insleep van ongewenste aandoeningen via aanvoer van vee tot een minimum te beperken. Dit omvat de volgende eisen:
Geen aanvoer van dieren tenzij:
- dit vanuit de bedrijfsvoering strikt noodzakelijk is
- dieren betrokken worden van een bedrijf met tenminste eenzelfde of een hogere gezondheidsstatus, en een bekende historie.
- eén toeleveringsbedrijf en alle dieren in een keer aanvoeren
- aanvullende preventieve maatregelen worden genomen, d.w.z. screening (vooraf) van de aan te voeren dieren. Voor het high-techbedrijf met een hoge gezondheidsstatus is het laatste punt als volgt ingevuld: BVD-onderzoek (antigeen / antistoffen), Salmonella-onderzoek (antistoffen), Neospora (antistoffen). Bij BVD wordt ook naar antistoffen gekeken als indicatie of er mogelijk drager-kalveren geboren kunnen worden.
- de aan te voeren dieren worden geënt tegen IBR.
Vanuit het bedrijf zijn daar de volgende (zoötechnische) eisen aan toegevoegd:
- uier geschikt voor automatisch melken
- geen mastitis-verleden
- laag celgetal (lager dan 125)
- hoog productiepotentieel
Het instellen van een quarantaineperiode is overwogen. Zo’n periode is bedoeld om de stress van de overgang te verminderen en zicht te krijgen op uier- en klauwgezondheid. Waar mogelijk dient dit worden toegepast. Voor het high-techbedrijf is dit echter niet uitvoerbaar, omdat de dieren met het automatisch melksysteem gemolken moeten worden en de aan te voeren dieren niet als groep apart gehouden kunnen worden. Dieren zouden dan alleen in droogstand kunnen worden aangevoerd en bij wijze van quarantaine in de weide moeten worden geplaatst. Dit zou ook een te grote piekbelasting opleveren van nieuwmelkte koeien aan de robot. Derhalve is van deze voorwaarde afgezien.
Geschikt aanvoerbedrijf gevonden
Inmiddels is een bedrijf gevonden dat aan al onze eisen kan voldoen. Het bedrijf stoot op korte termijn al haar melkvee af, en beëindigt de bedrijfsvoering. Afgesproken is dat het high-techbedrijf 13 melkkoeien overneemt en deze voor eigen risico nader laat onderzoeken. Binnenkort kunt u lezen hoe dit is verlopen en hoe de aanvoer en instroom van de nieuwe dieren in de veestapel van het high-techbedrijf verder in z’n werk is gegaan. Een toets of het aanvoerprotocol werkbaar is en het gewenste resultaat oplevert.