‘’Niet de belemmeringen staan centraal maar de mogelijkheden.’’ Dat is volgens projectleider Bert Philipsen van de Animal Science Group in Lelystad de belangrijkste boodschap van het project ‘’Koe en Wij’’ dat in januari aanstaande van start gaat. 6 december werd het project in Delft gepresenteerd. Minister Cees Veerman van LNV gaf met de onthulling van het logo het startsein.
|
 |
Bedrijven
In het project gaan 60 melkveehouders verdeeld over 4 praktijkgroepen samen aan de slag met hun afwegingen rond beweiden. De 60 deelnemers zijn regionaal verspreid over Nederland. De bedrijven passen beweiding toe in situaties waar anderen meer en meer kiezen voor opstallen. Ze kampen allemaal op hun bedrijf met situaties die als belemmerend worden ervaren bij het toepassen van weidegang.
Het gaat om melkveehouders met:
- bedrijven met een kleine huiskavel (meer dan 6 melkkoeien per ha huiskavel),
- bedrijven met een automatisch melksysteem,
- bedrijven met een groot aantal koeien (meer dan 100) en
- bedrijven met een hoge melkproductie per koe (meer dan 9500 kg melk).
Beweiden
De deelnemers maken een plan rond beweiding en gaan dit volgend jaar in de praktijk toepassen. Ze leren daarbij vooral van elkaar en elkaar’s ervaringen. Dat is meteen het belangrijkste onderdeel van het project: het overdragen van kennis en ervaringen aan collega melkveehouders. Met als doel de gedachtevorming en discussie over weidegang op gang brengen en andere melkveehouders te stimuleren om bewuste keuzes te maken over beweiden en de wijze van beweiden.
 |
Besef In zijn presentatie maakte Philipsen aan de hand van woordspelingen de stap van Koe en wei naar Koe en Wij. Naast de groep ondernemers die “ja” zegt tegen beweiden is het volgens hem van belang dat het besef er samen voor te staan doordringt bij alle partijen. Zowel bij de melkveehouders als de overheid, de zuivelsector en de samenleving.’’ |