Alweer enige tijd lopen de hennen bij de biologische proefstal van Spelderholt (Lelystad) buiten. Dat elk koppel en elke situatie weer anders is kunnen we bij deze proef goed zien. Tijdens de vorige proef liepen de hennen in de middelste uitlopen meestal verder naar achteren door dan die in de buitenste uitlopen. Waar dat precies aan lag weten we niet, maar we dachten dat het met de ligging van de uitlopen te maken had. De buitenste uitlopen liggen enigszins onder een hoek, waardoor de hennen achterin weinig zicht hadden op de stal.
Onze theorie was dat ze zich daardoor wellicht wat minder veilig voelden en dus dichter bij huis bleven. De middelste uitlopen gaven tot achterin een goed beeld op de stal, zodat de hennen beter naar achteren durfden. Of deze theorie klopt weten we niet. In de huidge proef zien we dit beeld eigenlijk niet terug. Er zijn echter nogal wat verschillen met de vorige proef, dus het is nog steeds moeilijk de oorzaken goed in beeld te krijgen. De huidige proef loopt in de stal ernaast. Qua lay-out van de uitlopen is deze precies gelijk. De uitlopen zijn wel iets langer. Omdat we in de eerste proef toch nog vrij weinig dieren achterin hadden, hebben we bij de huidige proef getracht de achterste helft van de uitloop aantrekkelijker te maken. Dit hebben we gedaan door zandbakken en afdakjes te installeren. In bijna alle uitlopen kunnen we aan de sporen in het zand zien dat er kippen achterin geweest zijn, maar het loopt achterin niet storm. Ook zijn er duidelijke verschillen. Deze zullen voor een deel te maken hebben met verschillen tussen uitlopen. Hoewel we getracht hebben alle uitlopen identiek te maken, is dit in de praktijk niet mogelijk. Er blijken flinke verschillen te zijn in waterdoorlatendheid, waardoor er in de ene uitloop eerder plassen regenwater staan dan in de andere. Hiermee samenhangend zien we ook verschillen in de begroeiing. Waren alle bomen en struiken ongeveer even groot toen ze enkele jaren geleden werden aangeplant, nu zijn er grote verschillen. Er zijn plekken waar de begroeiing slecht aanslaat en er zijn plekken waar de bomen al hoog op gaan. Dit zal het gebruik van de uitloop door de hennen ongetwijfeld beïnvloeden.
Recent hebben we een deel van de uitloop moeten maaien. Omdat de hennen vanwege de ophokplicht enige tijd niet in de uitloop mochten, was het gras al vrij hoog toen ze weer naar buiten mochten. Hierdoor hadden de kippen weinig behoefte om de achterste helft van de uitloop te verkennen. Ze konden immers voorin genoeg groen vinden. De rest van het groen groeide echter flink door. Doordat er ook nogal wat distels in het gras stonden, ontstond een bijna ondoordringbare groene muur, waardoor de hennen niet goed de achterste helft van de uitloop konden benutten. Om dit te verhelpen zijn de stroken gras met de meeste distels gemaaid. Zo kunnen de kippen weer makkelijk tot achterin lopen en hebben ze toch nog voldoende groen.
Bij de stal wordt gewerkt met wisselbeweiding. Per subafdeling zijn twee uitlopen beschikbaar, die om en om beschikbaar worden gesteld. Het schema van afwisselen hangt af van enkele praktische punten. Allereerst moet er een noodzaak zijn om te wisselen. Het kan zijn dat een uitloop te kaal wordt, maar het kan ook zijn dat in de ongebruikte uitlopen het groen te hoog wordt. Dan mogen de kippen meehelpen om dit weer te reduceren. Op dit moment moeten de kippen enige tijd in dezelfde uitloop blijven. In de andere hebben we namelijk een stuk ingezaaid met maïs. Als dit wat groter is, mogen de hennen er weer in. De maïs wordt niet geoogst, maar dient puur als beschutting voor de dieren. Zolang de maïsplantjes echter nog klein zijn, kunnen de kippen er nog niet bij. Met een te verwachten ophokplicht in augustus, zal het laat in het najaar worden dat de hennen weer naar een andere uitloop gewisseld kunnen worden. Tot die tijd kunnen ze zich echter uitstekend vermaken in de uitlopen waar ze nu in zijn, want er staat nog genoeg groen.