Precisielandbouw gaat een steeds grotere rol spelen voor de Nederlandse landbouw. Verder gaande technische ontwikkelingen maken deze stap ook mogelijk. Op het high-techbedrijf wordt al veel gebruik gemaakt van technische hulpmiddelen zoals, bijvoorbeeld het automatische melksysteem (AMS) en sinds een paar jaar ook de voerrobot. Gebruik maken van techniek als ondersteuning voor het management is voor het high-techbedrijf een bekend fenomeen.
In 2005 is het project GEO-logisch gestart. Geologisch richt zich op de implementatie en demonstratie van Geo/GPS (plaatsbepaling) toepassingen op boerenbedrijfsniveau. In de akkerbouw betekent dit plaatsspecifiek doseren van kunstmest en gewasbeschermingsmiddelen. In de veehouderij vindt tot nu toe nog weinig toepassing plaats, voor 2006 zijn een 3 tal veehouderijbedrijven in dit project opgenomen.
Op deze bedrijven zal GPS informatie gebruikt worden om plaatsspecifiek kunstmest te strooien, maar wordt ook gekeken naar de bodem en de opbrengsten.Het project, dat gefinancierd wordt door het landbouwbedrijfsleven, waaronder PZ en de provincie Flevoland werken een groot aantal partners samen, nl BLGG, Agrovision, Kverneland, Vexcel/Microsoft, Praktijkonderzoek Plant en Omgeving, Plant Research International, de Animal Sciences Group van Wageningen UR en Opticrop.
Figuur 1 geeft in het kort de “cirkel” van informatie weer die op een veehouderijbedrijf bij graslandmanagement speelt. Op diverse plaatsen in deze informatiestroom kan de (GEO)techniek in de toekomst een rol spelen. Veel zaken staan nog in de kinderschoenen en moeten verder worden ontwikkeld. Dit project heeft niet als doel om technieken te ontwikkelingen (bijvoorbeeld sensoren of meettechnieken), maar richt zich voornamelijk op toepassingen van bestaande technieken en de integratie van meerdere technieken via demonstratie.
Als eerste stap is bij 2 veehouders in Flevoland en op het high-techbedrijf op basis van persoonlijke ervaringen een grasperceel intensief bemonsterd. Intensief betekent dat de veehouder het perceel in een aantal fictieve subpercelen heeft opgedeeld, waar zichtbaar of op basis van (lagere) opbrengsten uit eerdere jaren “iets” aan de hand leek te zijn. Dit “iets” zou bijvoorbeeld een tekort aan één of meerdere elementen kunnen zijn. Per perceel zijn nu 4 subvakken gemaakt die mogelijk van elkaar afwijken en deze vakken zijn apart bemonsterd en geanalyseerd. Ook zijn de fictieve vakken gemarkeerd middels Global Position System(GPS), zodat ze altijd terug zijn te vinden.Vervolgens wordt op basis van de analyse per subvak een apart bemestingadvies gemaakt. Met behulp van dit advies wordt een digitale strooikaart gemaakt waarmee de kunstmeststrooier via de boordcomputer van de trekker volledig automatisch wordt aangestuurd. Op basis van de GPS positie weet de trekker precies waar hij is en de automatische aansturing zorgt ervoor dat in het juiste vak de gewenste (ingestelde) hoeveelheid kunstmest wordt gestrooid. Precisiebemesting dus.
In de praktijk betekent dit voor het high-techbedrijf dat op 2.67 ha grasland twee fictieve vakken zijn gemaakt (de variatie op jonge zeeklei is klein) die met een speciale GPS gestuurde trekker en kunstmeststrooier die via een strooikaart wordt aangestuurd gestrooid worden.
Vervolgens zal bij oogst eveneens via een aantal technieken worden bekeken wat de opbrengsten in deze subvakken zijn.