Het Lagekostenbedrijf heeft jaarlijks gemakkelijk kunnen voldoen aan de eindnormen voor MINAS. Bij het nieuwe mestbeleid dreigde mestafvoer. De forfaitaire stikstofproductie van de melkkoeien en het aanwezige jongvee paste niet op de 33 ha die het bedrijf beschikbaar had. Omdat het bedrijf 3 ha grasland van een nabijgelegen bedrijf kon pachten, is mestafvoer voorlopig nog niet nodig. Daarnaast lijkt de bedrijfsspecifieke excretie ook nog een voordeel te bieden. Met inschattingen voor het complete jaar 2006 is de prognose dat de stikstofexcretie bijna 1200 kg lager is dan het forfait. Dit is circa 14%, gebaseerd op een ureumgehalte van 30 en een melkproductie van ca 7700 kg per koe in 2006.
De winst met bedrijfsspecifieke benadering
Het Lagekostenbedrijf heeft de strategie om heel veel weidegang toe te passen met een zeer lage krachtvoergift (ca 1200 kg per koe). Bij veel weidegang lijkt de winst met de bedrijfsspecifieke excretie vaak beperkt. Het Lagekostenbedrijf wil toch inschatten wat de mogelijkheden zijn. De bedrijfsspecifieke excretie, bepaald met de excretiewijzer (www.koeienenkansen.nl), laat een flinke winst zien van wel 14% voor stikstof. In tabel 1 zijn de verschillen van bedrijfsspecifiek en het forfait weergegeven. Waar zit dan de winst voor het Lagekostenbedrijf?
- Het RE-gehalte van de opgenomen graskuil (170 g/kg) en vers gras (204 g/kg) is vrij laag.
- De hoeveelheid RE in het krachtvoer is met 139 erg laag, terwijl het VEM-gehalte toch ca 975 bedraagt. Dit heeft te maken met de strategie van 2006. Bij onbeperkte weidegang in de zomer is maismeelbrok gevoerd om vooral energie bij het eiwitrijke gras te voeren. Deze brok bevat meer dan 1000 VEM en “slechts” 85 g RE.
Tabel 1 Effect van de bedrijfsspecifieke excretie voor het Lagekostenbedrijf in 2006. (59 koeien, 5 stuks jongvee per 10 koeien, 7700 kg melk per koe, 30 mg/g ureum in de melk en 37 ha grond)
| Plaastingsruimte (kg N) |
9250 |
| Forfaitaire mestproductie (kg N) |
8839 |
| Bedrijfsspecifieke excretie (kg N) |
7629 |
| Verschil met forfaitair (%) |
14% |
| Mestaanvoer (obv bedrijfsspecifiek, kuubs) |
360 |
Mestaanvoer
Door extra land in 2006, hoefde het Lagekostenbedrijf al geen mest af te voeren. Maar door de bedrijfsspecifieke excretie te gebruiken kan het bedrijf nu zelfs mest aanvoeren. Er nu is ruimte voor ca 1600 kg stikstof. Bij een gehalte van 4,5 kg N per kuub, is dat ruim 350 kuub rundveemest. Bij een bedrag van €2,5 per kuub voor mestaanvoer, zou het bedrijf in 2006 ruim €850 kunnen ontvangen. In de praktijk is wel mest aangevoerd. Geen 350 kuub, maar wel 125 kuub.
Tips voor de praktijk
Hoe is een lagere bedrijfsspecifieke excretie te bereiken dan het forfait? Op basis van de gegevens van het Lagekostenbedrijf zien we het volgende.
- Zorg voor graskuilen met een vrij laag Re-gehalte. Bemest waarvoor je wil oogsten en oogst dan ook waarvoor bemest is. Maai dus niet te jong.
- Zoek bij gras(kuil)rijke rantsoenen naar krachtvoer met een lage eiwit/VEM verhouding Daarnaast leiden maïsrijke rantsoenen tot een lage stikstofexcretie. Maar dit moet dan wel in de bedrijfssituatie en het systeem passen, om uiteindelijk aantrekkelijk voor het bedrijf te zijn.