Maïsrastypen die verschillen in vroegheid, afrijping (dry down en stay green) en energietype (veel zetmeel of goede celwandverteerbaarheid) hebben een gelijk optimaal oogststadium. Het maximale rendement uit snijmaïs wordt gehaald wanneer rond een drogestofgehalte van 36 % wordt geoogst. Bestendig zetmeel heeft een positief effect op de melkproductie. Dat zijn enkele conclusies uit recent afgesloten onderzoek van de Animal Sciences Group en Praktijk Onderzoek Plant & Omgeving van Wageningen UR. Het onderzoek heeft geleid tot aanpassingen van het oogstadvies. Dit nieuwe oogstadvies is opgenomen in het Handboek Snijmaïs.
Het handboek snijmaïs kunt u hier raadplegen.
Op dit moment worden door veel veehouders weer de rassen gekozen voor komend groeiseizoen. Het nieuwe oogstadvies heeft ook invloed op de rassenkeuze. Een optimaal oogsttijdstip van 36% drogestof betekent dat de maïs droger geoogst moet worden dan voorheen. Dit betekent of later oogsten of een vroeger ras kiezen. Het gebruik van vroegere rassen heeft de voorkeur boven een latere oogst. Een latere oogst geeft een verhoogde kans op oogstverliezen door legering, vooral als gevolg van een stengelrotaantasting, maar ook door een gebrek aan stevigheid. Bij de rassenkeuze verdienen de stengelrotresistentie en stevigheid, daarom extra aandacht.
Door gebrek aan een goedkope, betrouwbare methode voor het bepalen van de zetmeelbestendigheid, is er op dit moment hierover nog geen rasinformatie beschikbaar. Bij de voorkeur voor vroegere rassen boven een latere oogst, gaan we uit ook van de veronderstelling, dat de vroegste rassen de hoogste kans geven op een hoog (bestendig) zetmeelgehalte. Veehouders, die kiezen voor kwaliteitsrassen moeten vooralsnog vooral kiezen voor een ras met de hoogste voederwaarde (VEM/kgds), gecombineerd met in eerst instantie het hoogste zetmeelgehalte en vervolgens de hoogste celwandverteerbaarheid.
De Aanbevelende Rassenlijst voor 2007 is opgenomen in het Handboek Snijmaïs. Ten opzichte van de vorige rassenlijst zijn er vijf nieuwe toprassen bij gekomen en zijn er ook vijf oude vedetten afgevoerd. De maïsveredelingsbedrijven zijn er weer in geslaagd de Aanbevelende Rassenlijst op een hoger plan te brengen, waar de veehouder zijn voordeel weer mee kan doen. De nieuwe toppers zijn Castro, Starchy, Abriko en Formula in de vroege groep en NKMagitop in de middenvroege groep. Castro, Starchy en Abriko combineren een hoge voederwaarde met een hoge opbrengst, wat resulteert in zeer hoge voederwaarde-opbrengsten. Het ras Formula is een specifieke topper in voederwaarde en NKMagitop is daarentegen een absolute topper in drogestofopbrengst. Op basis van het uitgebreide sortiment van rassen op de Rassenlijst kan elke veehouder het beste ras kiezen voor zijn specifieke bedrijfssituatie, welke bepaald wordt door ligging en grondslag van het perceel, de ruwvoerpositie en -samenstelling en de productiviteit van de veestapel.