Op 8 mei heeft het overleg prijsindicaties varkenshouderij, waarin LNV, agribusiness, onderzoek en banken deelnemen, de uitgangspunten en normen voor de bedrijfsbegrotingen voor de lange termijn vastgesteld.
Deze normen worden zoal gebruikt bij bedrijfsbegrotingen en bij aanvragen voor het borgstellingfonds.Het saldo voor de lange termijn is voor de zeugenhouderij vastgesteld op € 344 per gemiddeld aanwezige zeug per jaar en voor de vleesvarkenshouderij op € 66,- per jaar (exclusief berekende rente).
In tabel 1 zijn de onderliggende normen voor de vastgestelde saldo’s en de gerealiseerde prijzen in 2006 weergegeven.Tabel 1: De begrotingsnormen varkenshouderij (prijzen inclusief BTW, toeslagen, kortingen enz) voor de lange termijn (KWIN 2007-2008) en de prijzen en resultaten gerealiseerd in 2006 (Agrovision).
|
KWIN 2007-2008 |
Agrovision |
|
|
| Zeugenvoer (€/100 kg) |
18,50 |
18,45 |
| Biggenvoer (€/100 kg) |
28,50 |
28,30 |
| Grootgebrachte biggen per zeug per jaar |
24,5 |
24,8 |
| Biggenprijs (€/big á 25 kg) |
39,75 |
46,13 |
|
|
|
| Vleesvarkens |
|
|
| Vleesvarkensvoer (€/100 kg) |
18,25 |
18,23 |
| Vleesprijs (€/kg geslacht gewicht ) |
1,25 |
1,38 |
| Voederconversie |
2,68 |
2,71 |
| Groei (gram/dag) |
775 |
772 |
| Uitval (%) |
2,7 |
2,7 |
Na een daling van de gerealiseerde voerprijzen in 2005 zijn deze in 2006 weer gestegen. Voor de komende jaren wordt een gelijke tot licht stijgende voerprijs verwacht. De verwachte voerprijzen zijn daarom verhoogd ten opzichte van vorig jaar.
Het aantal grootgebrachte biggen per zeug volgens Agrovision is afgelopen jaar zeer sterk gestegen. Voor de lange termijn wordt een iets lagere stijging aangehouden.
De Nederlandse biggenproductie groeit al een aantal jaar met een hogere export tot gevolg. Voor de benodigde export zal de komende jaren op de biggenmarkt meer druk op de biggenprijs worden verwacht. De biggenprijs is daarom verlaagd met € 0,25 tot € 39,75.
Bij de vleesvarkens is een lager uitvalspercentage aangehouden. De uitval is afgelopen jaren gedaald van 3,0 naar 2,7%.
Evenals voorgaande jaren zijn in de begrotingen kosten opgenomen om een eventuele uitbraak van dierziekten te kunnen financieren. Achterliggende reden hiervan is dat in lange termijn begrotingen financiële ruimte gecreëerd moet zijn om, óf achteraf de kosten van een uitbraak van dierziekten te kunnen betalen, óf vooraf de financiële risico’s van een uitbraak te kunnen dekken. De kosten zijn ten opzichte van vorig jaar verlaagd naar € 3,00 per gemiddeld aanwezige zeug en € 0,10 per afgeleverd vleesvarken.
De afzetkosten van mest zijn niet in het saldo opgenomen, maar is wel een post om rekening mee te houden in begrotingen. Op basis van de genoemde uitgangspunten is de begrotingsnorm voor kosten voor mestafzet naar derden middels lange transportafstanden op € 18,00 per m3 gesteld inclusief de kosten voor mestafzetovereenkomsten, mestbewerking, tussenopslag, rechten, bemonstering etc. De prijs voor mestafzet in de naaste omgeving van het bedrijf kan gelijk gesteld worden aan de gemiddelde prijs van de afgelopen vijf jaar van de regionale mestafzet vermeerderd met € 6,-. De post mestafzet kan van bedrijf tot bedrijf zeer sterk verschillen. Op korte termijn kunnen de prijzen hoger liggen. De mestafzetkosten moeten daarom regio- en bedrijfsspecifiek worden begroot.
De normen en de uitwerking van de normen worden gepubliceerd in de bundel ‘Kwantitatieve Informatie Veehouderij 2007-2008 (KWIN-V 2007-2008)’, een uitgave van de Animal Sciences Group. Deze komt omstreeks augustus beschikbaar.