Onderzoek ASG leidt tot verbetering eiwitberekening vers gras

  Nieuws
  Agenda
  Nieuwsbrieven
  Archief
  Nieuws
  2010
  2009
  2008
  2007
  2006
  2005
  2011
  Agenda
  RSS

4 jun 2008
Onderdeel: Animal Sciences Group

In het groeiseizoen 2007 (van mei tot en met augustus) zijn door de Animal Sciences Group van Wageningen UR grasmonsters verzameld op vier praktijkcentra om de berekening van de hoeveelheid eiwit in vers gras voor melkkoeien te verbeteren. Het onderzoek werd gefinancierd door het Productschap Zuivel, het CVB van het Productschap Diervoeder en Wageningen UR.

Het CVB heeft de onderzoeksresultaten gebruikt bij de herziening van het eiwitwaarderingsysteem uit 1991. Het nieuwe DVE/OEB-2007 systeem is betrouwbaarder in het schatten van de hoeveelheid darmverteerbaar bestendig eiwit (DVE) en microbieel eiwit in vers gras. Onderzoeker Arie Klop: “Een goede eiwitwaardering van vers gras is van groot belang, gras is tijdens de weideperiode op veel bedrijven het belangrijkste voedermiddel. Als de voederwaarde van vers gras goed wordt berekend kan gerichter bijsturing plaatsvinden met aanvullend (kracht)voer. Bovendien is daarmee de N-efficiëntie van melkvee op grasrantsoenen te monitoren, waarmee men het melkureumgehalte en de N-excretie op een voldoende laag niveau kan houden.”
   
De DVE-waarde daalt in het herziene DVE/OEB-2007 systeem gemiddeld met 7%. Van de onderzochte monsters varieerde de daling van de DVE-waarde van 0 tot 8 gram per kg drogestof. De OEB-waarde stijgt in het herziene DVE/OEB-2007 systeem gemiddeld met 7%. Klop: “Met andere woorden: de eiwitwaarde werd tot nu toe overschat. Het CVB heeft berekend dat de daling van de DVE-waarde het kleinst is bij vers gras met een hoog eiwitgehalte. Dat gegeven geeft kansen om op bedrijfsniveau enigszins rekening te houden met bijvoorbeeld de bemesting en het tijdstip van inscharen.”

De lagere waardering van DVE kan men opvangen door bij te sturen met ruwvoer of krachtvoer. Tegelijkertijd moet men rekening houden met de hogere OEB-waarde in vers gras. Het overschot aan penseiwit (OEB) moet worden benut. Een hoger suikergehalte in het gras is gunstig voor de benutting van onbestendig eiwit en het stimuleert de voeropname van de koe. Daarmee kan de lagere DVE waardering van vers gras al grotendeels worden gecompenseerd.

Het was bewust de bedoeling om variatie aan te brengen in de samenstelling en herkomst van de grasmonsters. Door van vier praktijkcentra monsters te verzamelen is er ook variatie aangebracht in grondsoort. Hieruit bleek dat de samenstelling van vers gras, en dus ook de voederwaarde ervan, sterk kan variëren.

Download hier rapport 124 'Eiwitwaarde vers gras'.


Print nieuwsbericht

Contact
Arie Klop
Tel. 0320 - 293 454
Arie.Klop@wur.nl
»  meer Contact