In een sloot op Praktijkcentrum Zegveld zijn proefvakken aangelegd, waarin de invloed van verschillend slootonderhoud wordt onderzocht op de watervegetatie en daarmee op de ecologische waterkwaliteit.
Kenmerkend voor sloten met een goede ecologische kwaliteit is de grote diversiteit aan waterplanten en waterdieren. Verslechtering in fysische en chemische omstandigheden leiden ertoe dat veranderingen optreden in de samenstelling van de watervegetatie. De (gewenste) gevarieerde watervegetatie wordt vervangen door een vegetatie die gekenmerkt wordt door dominantie van waterpest en bij nog verdergaande verslechtering van de kwaliteit blijft een dicht dek van kroos over (zie figuur 1).

Figuur 1. Veronderstelde vegetatietypen, behorende bij de weergegeven
relatie tussen waterkwaliteit en ecologische kwaliteit.
Hoewel er in de literatuur sterke aanwijzingen zijn dat verrijking van sloten met nutriënten één van de belangrijkste factoren is voor de hiervoor beschreven overgangen, spelen andere factoren zoals onderhoud mogelijk een minstens zo belangrijke rol.
Met het schoningsexperiment wordt onderzocht of het mogelijk is een verandering in de vegetatiesamenstelling van waterplanten te veroorzaken door een andere frequentie en methode van schonen toe te passen dan momenteel het geval is.
Hiertoe wordt in een sloot met een sterke bedekking van kroos onderzocht wat de invloed is van verschillende frequenties van kroos verwijderen op de hoeveelheid ondergedoken waterplanten die tot ontwikkeling komt. Op de foto zijn een aantal van de proefvakken te zien waarin de verschillende behandelingen toegepast worden.
In de proefvakken worden de toe- en afname van kroos en ondergedoken waterplanten bijgehouden en worden eigenschappen van het water, zoals zuurstofgehalte en voedselrijkdom gevolgd.
Het onderzoek maakt deel uit van het PLONS project, waarin onderzoek wordt verricht naar het ecologisch functioneren van sloten.